Met verlangen in haar stem zei ze: Weet je wat ik zou willen zijn: de vrouw van een directeur.”  

Hè?! 

Als vrouw van een directeur begreep ik dat verlangen niet. Ik vond het vooral lastig – de vrouw van zijn – wilde zelf wat zijn. Ik meende dat haar wereld en de mijne best op elkaar leken. Dat was niet zo. Geld speelt een ondergeschikte rol in mijn keuzes rondom werk. Een luxe die maakt dat ik dingen kan doen die voor anderen grotere, zelfs onaanvaardbare, consequenties zouden hebben.  Die vrijheid heb ik en zij niet. 

Benieuwd naar wat die vrijheid brengt? Wat de hobbels zijn als geld van ondergeschikt belang wordt? Want spoiler alert, geld lost niet alles op. Het blijft aan mezelf om uit te zoeken wat mijn unieke bijdrage is, wat ik zinvol vind en waar ik bij wil horen.

Hobbel 1: De vrijheid benutten 

De eerste keer dat ik bewust van de vrijheid gebruik maak is inmiddels 15 jaar geleden. Ik stop bij een werkgever zonder een andere baan te hebben. Ik kan het goed aan mezelf uitleggen: een ethische reden, ruimte maken voor ander werk en 3 kleine kinderen. Die 3 zijn eigenlijk al werk zat. Eerlijk is eerlijk. In die paar weken zonder baan is ons leven een stuk minder hectisch.  

Het helpt dat ik niet hoefde op te boksen tegen maatschappelijke veroordelingen. Thuis blijven bij kleine kinderen en vrijwilligerswerk doen is een geaccepteerd pad.  

Het helpt niet dat ik moet opboksen tegen oordelen. Als huisvrouw word ik op feestjes en recepties onmiddellijk geklasseerd als oninteressant. Een interessante ervaring.  

Hobbel 2: Waarom werk ik hier

In de volgende baan heb ik een soort van haat/liefde verhouding met die vrijheid.  

Heerlijk. Ik weet nu dat ik ieder moment kan stoppen.  

En verdorie, ik kan ieder moment stoppen. In lastige periodes heb ik niet eens het hele geldige excuus dat ik wel moet blijven omwille van het geld. Ik blijf omdat ik wil blijven en daarmee is alles wat ik meemaak een consequentie van die keuze.  

Zeurend aan de keukentafel word ik daar af en toe fijntjes aan herinnert: “mama, als het zo vervelend is, waarom stop je dan niet.” Het antwoord is steeds, omdat ik uniek bijdraag en nog wat kan leren. Totdat er weer een mix is van ethisch gedoe en een sterke behoefte aan nieuwe context. Ik stop ook daar. Dit keer niet om ruimte te maken voor ander werk. Ik ga zoeken naar de plek waar ik met mijn vaardigheden, slagvaardiger, een unieke bijdrage kan leveren aan een nog mooiere wereld. De hobbel van zingeving. Weet ik waarom ik daar werk? Accepteer ik alle consequenties van die keuze? En durf ik te stoppen als die persoonlijke zingeving er niet meer is? Als het klaar is. 

Hobbel 3: Kiezen: afhankelijkheid, eigen ontwikkeling en vormen van waardering 

Ik kan dit doen, dat stoppen, maar het heeft een consequentie. Ik word voor het geld afhankelijk van mijn man. Die afhankelijkheid is voor mij niet makkelijk en ook niet zonder risico’s. Je kan het inkomen van man namelijk op meerdere manieren kwijtraken. Het helpt dat ik vertrouwen heb in mijn eigen verdiencapaciteit en financieel aanpassingsvermogen als dat zou gebeuren 

Bij deze keer stoppen zijn mijn kinderen het huis uit. Ik maak deze keuze echt voor mezelf. Ik ga in dat eerste jaar vol voor de persoonlijke ontwikkeling: 12 zelfgekozen thema’s en een cirkel van vrouwen zorgen dat er heel wat beweegt in mijn perspectieven op leven en persoonlijk leiderschap. 

En voor iemand die graag zelf iets wou zijn, wat ben ik dan? Word ik wel gewaardeerd? 

Ik zal drie jaar lang blijven worstelen met: ik verdien geen geld dus ben ik dan wel nuttig. Ik zie wat mijn aanwezigheid, mijn vragen en mijn verhalen teweeg brengen. Ik weet dat er nog veel meer goeds is wat ik niet zie. Ik ken het spirituele antwoord. En toch, het is een heel diep ingesleten overtuiging dat geld verdienen en mijn waarde als mens een link hebben. 

Hobbel 4: Waar wil je nu bij horen. 

Na een jaar persoonlijke ontwikkeling en een jaar eigen onderneming begint het te knagen. De eigen onderneming levert amper geld op. Dat was te verwachten, iets met 3 opstartjaren en acquisitietalent. Alleen dan heb ik ook niet als vanzelf iets te doen, dan zijn er geen vanzelfdeadlines, geen vanzelf-contacten, geen vanzelfergensbijhoren. 

Ik solliciteer op zoek naar zo’n vanzelf-plek. Wil dat wel doen met dezelfde intentie als waarmee ik het bedrijf opzette. Bij het solliciteren merk ik hoezeer ik ben geprogrammeerd om te laten zien wat ik denk dat ze willen zien. Te verstoppen wat ik denk dat ze lastig/moeilijk vinden.  

Drie sollicitaties verder weet ik drie dingen 

Een. Ik wil graag dat mijn CV aan de kant wordt gelegd als men geen verandering wil. Mijn kracht is net het benoemen, bevragen waarom iets nog niet werkt. Om met verhalen, gesprekken, nieuwe werkafspraken en samenwerkingsvormen mensen door de verandering loodsen. 

Twee. Ik ben gevoelig voor cultuur. Ik ben getraind om resultaatgericht te werken in een competitieve omgeving. Ik wil graag werken in een omgeving waarvan het doel mensen inspireert, waarbij ieders unieke bijdrage gelijkwaardig is & ertoe doet en waar vakmanschap de ruimte krijgt. Dat bijt soms en ik check nu eerst het tweede deel. Ze hoeven het nog niet helemaal te kunnen, wel heel oprecht te willen.

Drie. Ik wil niet meer winnen, wel passen. Eens besloten dat ik ging solliciteren leek er een knopje om te gaan. Dan wou ik winnen, de baan krijgen. Solliciteren gaat om een wederzijds onderzoek of het de goeie match is. Dat was wel effe oefenen. Zeker met zelf nee zeggen. 

Ik vind een plek die aan de 3 punten voldoet: lid van het kernteam bij de Omwentelaars. Ik ga dat doen want het enige wat ontbreekt is een waardering dmv geld.

Hobbel 5: Genieten van de vrijheid 

Inmiddels is die eerste uitspraak meer dan 20 jaar geleden. Een andere jonge vrouw appt: als ik een basisinkomen had, dan zou ik me vol op dit project werpen. Geen idee of ze het echt zou doen. Het is net het laatste duwtje dat ik nodig heb om voluit van de vrijheid te genieten. Ik heb inkomen en kan me de luxe permitteren me vol in een bewegingals de Omwentelaars te werpen. 

En tegelijkertijd is er de ongelooflijke luxe dat ik ’s morgens opsta met nog lege ruimte in de dag is. Ruimte om te vullen met schrijven: mijn ontwikkel-versneller. Ruimte waarin ik, tussen twee ontmoetingen door, terugkeer naar mijn basis, de ballast achterlaat. Ruimte die gevuld kan worden met goeie gesprekken die nu zinvol zijn. Ik kan op ieder moment naar buiten. Ruimte die het mogelijk maakt dat ik ga slapen omdat het avond is, niet omdat de energie uitgeput is. 

Dankzij mijn bestaanszekerheid kan ik de dingen zo grenzenloos doen zoals ik ze nu doe. Dingen waarvan ik zie dat ze waardevol en verrijkend zijn. 

En eindelijk, eindelijk geniet ik er ten volle van.

 

PS Ik pleit hiermee niet voor vanaf nu altijd alles gratis doen, dat ga ook ik niet doen. In deze tijd betekent ruimte voor vakmanschap voor mij dat je vakmanschap in geld waardeert. Opdat de vakman/vrouw op zichzelf bestaanszekerheid heeft, niet afgeleid wordt van het leveren van zijn of haar unieke bijdrage doordat er elders met wat anders geld verdiend dient te worden. 

Misschien dat we in de toekomst iedereen bestaanszekerheid kunnen gunnen, bestaanszekerheid die niet afhangt van wie of wat dan ook, Dat heet basisinkomen. 

Wat kan ik doen? 

Ik gun iedereen de vrijheid om te stoppen met wat niet meer klopt, te gaan doen wat ie wil en bij te dragen aan een doel waar ie achterstaat, in dienst van het grotere geheel. 

Het ligt voorlopig niet binnen mijn cirkel van invloed om voor iedereen het basisinkomen te regelen. Ik teken wel iedere petitie die daarover gaat.

En vanuit mijn onderneming, want ja daar is ook nog ruimte voor, kan ik je wel ondersteunen bij die hobbels.  

Neem gerust contact op als het je wat lijkt.

– Ilse Meelberghs

PS Deze blogpost gaat over het opruimen van hindernissen op weg naar toekomstbestendig werk = Moment loswiebelen

2 Reacties

  1. Guido

    Hoi Ilse,
    Leuke en interessante post. Het vraagstuk “vrij zijn / idealisme tot uiting kunnen laten brengen / ontwikkelen binnen je eigen interesse en grenzen” in combinatie met het betalen van een hypotheek en boodschappen houd me bezig. Al heel lang.

    Ik vind het wel erg ingewikkeld en vraag me af of ik er ooit uit ga komen. Want op een of andere manier, als ik ideeen heb, ga ik meteen nadenken over hoe “economisch haalbaar” e.e.a. is. Terwijl dat volgens mij eerder een hindernis is, die manier van denken. Toch lukt het me niet daarvan los te komen.

    En dan een vermoeiende job te hebben die me in 40 uur behoorlijk moe maakt. Voor mijn gevoel heb ik die andere dagen nodig voor overige zaken, wat te ontspannen en lezen. En dan ook te maken met alle prikkels van dien, voornamelijk via het “slimme” telefoontje. Waar ik moeilijk weerstand aan kan bieden. Bij mij overheerst dan het gevoel niet verder te kunnen komen. En dan heb ik niet eens een gezin, buiten 2 katten 🙂

    Is het dan gewoon allemaal een kwestie van een ijzeren discipline? (hoewel ik dan dat je daar ook meer rigide van gaat denken en handelen)

    Moeilijk, moeilijk.

    • Ilse Meelberghs

      Herkenbaar Guido, ik bel je hierover even.
      Voor de meelezers: Ik zou denken aan een ijzeren discipline voor speels uitproberen.
      Een gewoonte maken van het uitzoeken en je eventueel laten helpen.
      Net zoals je van sporten een gewoonte maakt, er tijd voor inruimt, trainers zoekt en af en toe smokkelt.
      Afhankelijk van de haast die je hebt kan je de gewoonte frequenter en de ondersteuning intensiever maken. Net als bij sporten 🙂
      En speels omdat het, met een vermoeiende baan ernaast, fijn is als het niet “zwaar” voelt.
      Dat bestaat.
      Ilse

Laat een bericht achter

Jouw email adres zal niet getoond worden.Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Alvast bedankt voor je reactie.